Waarschuwingen/voorzorgsmaatregelen over subutex of buprenorfine voor online gebruikers

Waarschuwingen/voorzorgsmaatregelen over subutex of buprenorfine voor online gebruikers

Artsen dienen voorzichtigheid te betrachten bij het voorschrijven van buprenorfine aan patiënten met leverfunctiestoornissen, nierfunctiestoornissen, morbide obesitas, schildklierdisfunctie, een voorgeschiedenis van ileus of darmobstructie, prostaathyperplasie of urinewegvernauwing, depressie of coma van het centrale zenuwstelsel (CZS), delirium tremens, depressie, angststoornissen, posttraumatische stressstoornis en toxische psychose. Regelmatige controle wordt aanbevolen voor patiënten met psychische aandoeningen vanwege het verhoogde risico op OUD en overdosering. Daarnaast is voorzichtigheid geboden bij patiënten met acute pancreatitis of galwegdisfunctie, aangezien opioïden mogelijk vernauwing van de Oddi-sfincter kunnen veroorzaken.

Zorgverleners dienen voorzichtig te zijn bij het toedienen van opioïden, waaronder buprenorfine, aan patiënten met bijnierinsufficiëntie, zoals de ziekte van Addison. Langdurig gebruik van opioïden kan leiden tot bijnierschorsinsufficiëntie, gekenmerkt door symptomen zoals anorexia, misselijkheid, braken, zwakte, vermoeidheid, duizeligheid, lage bloeddruk en secundair hypogonadisme.[38] Daarnaast is voorzichtigheid geboden bij het gebruik van buprenorfine bij patiënten met een verhoogde intracraniale druk (ICP), hoofdletsel en intracraniële laesies, aangezien buprenorfinegebruik kan leiden tot een overdreven verhoging van de ICP. Voorzichtigheid is ook geboden bij toediening van het geneesmiddel aan patiënten met een voorgeschiedenis van epileptische aanvallen, aangezien buprenorfine reeds bestaande aanvallen kan veroorzaken of verergeren.

Controle dient te worden overwogen bij patiënten met een substantieel verminderde ademhalingsreserve, hypercapnie, hypoxie, significante chronische obstructieve longziekte en patiënten met reeds bestaande ademhalingsdepressie op tekenen van ademhalingsdepressie, met name bij het starten en titreren van de behandeling met opioïden. Ademhalingsdepressie kan optreden, zelfs bij therapeutische doseringen. gebruik en dosering van subutex

Opioïden dienen te worden vermeden bij patiënten met matige tot ernstige slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen, volgens de CDC-richtlijnen van 2022. Voorzichtigheid is geboden bij patiënten met slaapgerelateerde aandoeningen zoals slaapapneu vanwege het verhoogde risico op CZS- en ademhalingsdepressie. Zorgverleners dienen dergelijke patiënten nauwlettend te monitoren tijdens de behandeling en de dosis zorgvuldig te titreren.

Monitoring  

Bij het overwegen van het gebruik van buprenorfine, een partiële agonist, is het belangrijk om de werking ervan te begrijpen in combinatie met andere opioïdereceptoragonisten. Wanneer buprenorfine samen met een volledige agonist wordt ingenomen, heeft het een blokkerende werking en voorkomt het dat de volledige agonist een high veroorzaakt. Indien te snel na een volledige agonist toegediend, kan de patiënt ontwenningsverschijnselen ervaren. Een eenvoudige beoordeling, zoals de Clinical Opiate Withdrawal Scale (COWS), is noodzakelijk voordat buprenorfine wordt toegediend. Bovendien wordt aanbevolen dat patiënten ten minste lichte tot matige ontwenningsverschijnselen vertonen, wat resulteert in een score van ten minste 5 tot 24 op de COWS. Deze stap zorgt ervoor dat patiënten met opioïdenvergiftiging geen partiële agonist krijgen die hen tot ontwenningsverschijnselen kan aanzetten.[40][41]

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *